Broodfonds

Een alternatief voor de AOV: het broodfonds, een constructie die tien jaar geleden is bedacht. Hierbij legt een groep ondernemers maandelijks geld in. Wie ziek wordt, krijgt van de andere deelnemers een bedrag om in het levensonderhoud te voorzien. Dit is een tijdelijk inkomen voor de duur van maximaal twee jaar.

Het voordeel van zo’n fonds is dat je zelf mag bepalen hoeveel je inlegt en dus ook hoeveel je ontvangt als je door ziekte niet kunt werken. Wil je een hoge uitkering, dan leg je ook meer in en vice versa.

De hoogte van de uitkering is niet afhankelijk van het succes van je bedrijf, waardoor ook eenpitters die verlies draaien verzekerd zijn van een inkomen. Ook de omvang van je vermogen of het inkomen van je partner is irrelevant.

En anders dan bij andere regelingen wordt er niet onnodig veel geld opgepot. Als er voldoende geld in kas is, kunnen de premiebetalingen worden bevroren. Hiermee is een broodfonds het beste uit twee werelden.

Wie ook na twee jaar verzekerd wil zijn van een inkomen, kan aanvullend een arbeidsongeschiktheidsverzekering afsluiten met een eigenrisicoperiode van twee jaar. Omdat de verzekeraar pas na twee jaar uitkeert, is de premie meestal lager dan bij een verzekering met een kortere eigenrisicoperiode.

Op dit moment bestaan er 182 broodfondsen, waar in totaal 7.600 ondernemers aan deelnemen. Dit zouden er wat mij betreft best meer mogen zijn. Ik zou zeggen: áls je ondernemers al iets op zou moeten leggen, kies dan voor een verplicht broodfonds.